Werkwijze

  • Maak twee groepjes van 2 personen.

  • Bekijk samen eerst de pagina "Beoordeling". Daar lees je waar jullie juf of meneer op gaat letten wanneer jullie het werkstuk inleveren.

  • Spreek met elkaar af welke groepje welke onderwerpen doen. Ieder groepje heeft 3 onderwerpen. Eén onderwerp voer je uit met zijn vieren samen.

  • Bij elk onderwerp (kijk bij "Opdracht") staan één of meer vragen. Die moeten jullie zeker beantwoorden.

  • Nadat alle informatie is verzameld, moet er voor elk onderwerp minstens één A4-tje (maar niet meer dan twee) gemaakt worden voor het werkstuk.

  • Bij elk onderwerp maken jullie een tekst van minstens 400 woorden. (Tip: Gebruik de woordenteller van Word)

  • Bij elk onderwerp zorgen jullie ook voor 1 of 2 afbeeldingen.

  • Nadat elk groepje de eigen tekst heeft gemaakt, leest het andere groepje de informatie door. Samen bespreken jullie wat goed is en wat beter kan.

  • Maak vervolgens één kaft voor het werkstuk. Op de kaft komt natuurlijk:
    • de titel: "De Donkere Middeleeuwen";
    • een afbeelding die erbij past;
    • jullie namen;
    • wanneer het werkstuk gemaakt is.

  • Nummer alle bladzijden, behalve die van de kaft.

  • Na de kaft volgt de inhoudsopgave.

  • Na de inhoudsopgave komen de verschillende hoofdstukken.

  • Na de hoofdstukken komt nog een extra pagina. Op die pagina schrijven jullie:
    Waarom de Middeleeuwen ook wel de "Donkere Eeuwen" worden genoemd.

  • Als laatste nog een bladzijde waarop staat waar jullie de informatie en de afbeeldingen gevonden hebben.

  • Lever jullie werkstuk in.